Werkgroep Fraude geeft aanbevelingen voor rapporteren over fraude in de controleverklaring

De Werkgroep Fraude van de NBA onderzocht vijftig controleverklaringen over 2019 en 2018 bij AEX- en AMX fondsen. Op basis daarvan doet de werkgroep tien concrete aanbevelingen voor de controleverklaringen, om die (zo mogelijk al) voor 2020 toe te passen.

Uit het onderzoek blijkt dat accountants in 44 van de vijftig controleverklaringen bij de jaarrekeningen 2019 van de AMX en AEX-fondsen nu al in een afzonderlijke paragraaf over (de risico’s op) fraude rapporteren en 41 keer ook over (risico’s van) overtreding van wet- en regelgeving. Over 2018 was dat maar bij 22 respectievelijk 15 controleverklaringen het geval.

Daarnaast blijkt uit de verklaringen over 2019 dat 32 keer een toelichting is opgenomen over de inzet van forensisch specialisten in de audit. Dat is in lijn met voorstellen van de NBA en de wens van bijvoorbeeld de CTA, de MCA en de VEB hierover.

Het NBA-bestuur heeft eerder in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven dat accountants op termijn verplicht worden om in hun controleverklaring aan te geven welke werkzaamheden zijn verricht in het kader van frauderisico’s en de eventuele bevindingen. In het programma van de Stuurgroep Publiek Belang voor 2021-2023 is ten aanzien van dit punt aangegeven dat in 2021 een pilot plaatsvindt en invoering in 2022.

Ondernemingen terughoudend

Transparantie over de werkzaamheden van de accountant rondom frauderisico’s en (het risico van) overtreding van wet- en regelgeving draagt bij aan het begrip over de rol van de accountant ten aanzien van deze onderwerpen en stimuleert een constructieve discussie over deze onderwerpen, aldus de werkgroep. Daarbij kan wel meer consistentie worden gerealiseerd in de manier waarop accountants via hun controleverklaring over (risico’s op) fraude en overtredingen van wet- en regelgeving communiceren.

Opvallende bevinding uit het onderzoek is dat, waar accountants relatief vaak rapporteren over fraude en niet-naleving van wet- en regelgeving, ondernemingen op dit punt nog terughoudend zijn. Het onderwerp wordt maar in veertien van de vijftig onderzochte bestuursverslagen benoemd. Dit is voor de Werkgroep Fraude aanleiding om in overleg te treden met de opstellers van jaarrekeningen en hun toezichthoudende organen, om deze observatie onder de aandacht te brengen en te onderzoeken hoe die geadresseerd kan worden. Ook werkt de werkgroep aan ‘best practices’ voor bedrijven, ter ondersteuning van de frauderisicoanalyse en –beheersing door bestuurders en toezichthouders. De best practices kunnen ook helpen om het gesprek te voeren met de accountant en als basis dienen voor de rapportering door ondernemingen in het bestuursverslag. 

Aanbevelingen

De Werkgroep Fraude doet tien aanbevelingen, om controleverklaringen op het onderdeel fraude(risico’s) en het overtreden van wet- en regelgeving verder te verbeteren:

  1. Neem een algemene paragraaf op waarin wordt ingegaan op de risico’s op fraude en overtredingen van wet- en regelgeving.
  2. Als sprake is van een specifiek en (hoog) significant risico, neem deze dan op als key audit matter (KAM).
  3. Beschrijf deze KAM - dus het geïdentificeerde significante frauderisico - cliëntspecifiek en voorkom daarmee algemene teksten.
  4. Benoem de frauderisicofactoren die relevant waren bij de bepaling van het frauderisico, zodat duidelijk is waarom sprake is van een KAM.
  5. Benoem welke directe en indirecte wet- en regelgeving het meest van belang is voor de cliënt.
  6. Beschrijf specifiek de auditrespons ten aanzien van het genoemde frauderisico en (zo mogelijk) eventuele bevindingen.
  7. Geef aan of forensische specialisten zijn ingezet en zo ja, in welke fase van de controle.
  8. Indien van toepassing: maak onderscheid in key audit matters voor frauderisico’s en die voor overtreding van wet- en regelgeving.
  9. Ga tijdig in gesprek met je cliënt over diens analyse van de risico’s op fraude en overtredingen van wet- en regelgeving en benadruk het belang van een daarop gebaseerde beschrijving in het bestuursverslag.
  10. Zorg er voor dat de beschrijving van die risico’s in de controleverklaring zoveel als mogelijk aansluit op de benoemde onderwerpen in het bestuursverslag.

Meer informatie over het onderzoek is beschikbaar via het Dashboard Accountancy. De Werkgroep Fraude werkt voor de NBA de agenda van de Stuurgroep Publiek Belang verder uit. Daarbij gaat het onder meer over het doen van aanbevelingen, zo mogelijk al toe te passen voor de controleverklaringen bij de jaarrekeningen 2020 van oob’s; inclusief de woningcorporaties die hieronder vallen. Medio 2021 vindt een vervolgonderzoek plaats naar die controleverklaringen over 2020. Op basis daarvan worden meer specifieke aanbevelingen uitgebracht.

Deel uw ervaring 

Hoewel de hiervoor genoemde aanbevelingen bedoeld zijn voor controleverklaringen bij oob’s, roept de Werkgroep Fraude de accountantsorganisaties op om de tien aanbevelingen ook al toe te passen bij niet-oob’s en om ervaringen te delen met de werkgroep. Dat kan via fraude@nba.nl. Deze ervaringen worden meegenomen in specifieke aanbevelingen voor verklaringen van niet-oob’s, die in het derde kwartaal van 2021 worden uitgebracht.