Coziek: Wnt niet meer door accountant laten controleren

Het controleprotocol voor de Wet normering topinkomens 2018 is "technisch uitvoerbaar, maar door de complexiteit economisch onverantwoord". Dat stelt Coziek, de sectorcommissie van de NBA die zich richt op de zorgsector, in een video over de kwestie. Eerder was de werkgroep COPRO al kritisch over de uitvoerbaarheid van de Wnt.

Coziek-voorzitter Rob Leensen (partner EY) en Coziek-lid Mike Tagage (partner BDO) benadrukken in de video dat de totale kosten van de controle van de Wnt voor de circa 1500 zorginstellingen in ons land inmiddels zo’n tien miljoen euro per jaar bedragen. Dat is nog los van kosten voor de zorginstellingen zelf en het ambtelijk apparaat.

Eerder waarschuwden beide Coziek-leden in een artikel op Accountant.nl al voor de scheve verhouding tussen kosten en opbrengsten van de Wnt-controle. Het controleprotocol is sindsdien maar beperkt aangepast. De regelgeving is nog altijd uitgebreid, onnodig ingewikkeld en op onderdelen niet eenduidig. Het advies van Coziek is om de controle op de Wnt niet meer bij de accountant neer te leggen. De baten wegen niet tegen de kosten op, stelt Coziek-voorzitter Leensen in het FD en in een toelichting op BNR Nieuwsradio. Het accountantsberoep zal een bijdrage leveren aan de wetsevaluatie.

Recent oordeelde de NBA Werkgroep COPRO al dat het Controleprotocol Wnt 2018 en de eraan ten grondslag liggende Wnt-regelgeving als economisch onverantwoord aangemerkt moeten worden. Daarom kreeg het protocol van die werkgroep het predicaat 'uitvoerbaar onder voorbehoud'.

Haastige wetgeving

In een redactioneel commentaar stelt het Financieele Dagblad dat rondom de Wnt “de geur van gestold wantrouwen” hangt en accountants daarom “vaak op zoek moeten naar een speld in een hooiberg”.  De Wnt is volgens de krant een voorbeeld van “niet goed doordachte, te snel doorgedrukte en daardoor moeilijk uitvoerbare wetgeving”. Zeker bij maatschappelijk gevoelige thema’s als topinkomens is de drang groot om snel met wetgeving te komen, stelt het FD. “De accountant staat vaak aan het einde van deze pijplijn. Hij wordt geconfronteerd met de 'fall-out' van zwakke wetgeving.”

Een eerder voorbeeld is de overdracht van zorgtaken door het rijk aan gemeenten. Dat resulteerde enkele jaren geleden in problemen met de goedkeuring van de jaarrekening bij veel gemeenten. Het was in december 2016 reden voor de NBA om in een open brief aan de politiek te pleiten voor een langere invoertermijn voor nieuwe wetten en betere toetsing van nieuw beleid op praktische uitvoerbaarheid.

“Het zou goed zijn als de Haagse politiek dezelfde voortvarendheid die zij aan de dag legt bij het invoeren van nieuwe wetgeving, ook laat zien bij het repareren van oude wetgeving”, aldus het redactioneel commentaar van het FD.