Hoe kwam het examineren op je pad?
Deborah: "Ik werd gevraagd toen ik drie jaar accountant was. Aan de ene kant was ik enthousiast over het vak en wilde dat graag uitdragen. Tegelijkertijd twijfelde ik eraan of ik het wel kon. Bij het eerste examen dat ik afnam was ik waarschijnlijk nerveuzer dan de kandidaat. Ik had mij extra goed voorbereid en alle vragen opgeschreven."  

Robin: "Ik had een soortgelijke start. Toen ik gevraagd werd vond ik het wel een eer. Het kwam voor mijn gevoel snel na mijn slotexamen maar ik durfde het wel aan. Wat de doorslag gaf was dat het een waardevolle aanvulling is op het lesgeven. Ik ben ook docent audit en assurance en hier word je een betere docent van."

Hoe bereid je je voor?
Robin: "Ik probeer altijd een profielschets op basis van het portfolio te maken. Bij wat voor soort kantoor werkt de kandidaat? Wat voor klanten heeft hij? Is een kandidaat actief in de zorg en heeft hij bijvoorbeeld fysiotherapiepraktijken als klant dan kun je naar zijn ervaring met de Wet Normering Topinkomens vragen. Dat is complexe wetgeving waar je op kan doorvragen."

Deborah: "Van tevoren heb ik geïnventariseerd waar ik meer van wil weten. De onderwerpen die ik wil bespreken schrijf ik op maar vaak kijk ik tijdens het examen niet eens op dat lijstje. Meestal verloopt het gesprek spontaan."

Loop je in een spontaan gesprek niet het risico dat een kandidaat vooral praat over zaken waar hij veel van weet?
Robin: "Als een kandidaat ruim van stof is, moet je ingrijpen. Ik let erop dat alle vakgebieden de revue passeren. In de presentatie beschrijft de kandidaat wat hij heeft gedaan in de opdrachten. Als daarna het portfolio ter sprake komt ga je de kandidaat top down bevragen. Zo ontstaat een overgang tussen persoonlijke ontwikkeling en vaktechniek. Je begint met de theorie. Kent hij de regelgeving? Vervolgens kijk je hoe hij het in de casus heeft toegepast.  Het is mooi als hij een verdieping kan aanbrengen. Hoe blikt hij terug op zijn keuze?"

Deborah: "Het is handig om elkaar daarin als examinator af te wisselen. De een stelt de directe vragen, de ander de verdiepende vragen. Je reageert op wat de kandidaat vertelt. Ik let ook op nonverbale signalen. Is iemand nerveus? Om die reden loop ik vaak mee naar de koffieautomaat als ik een kandidaat ophaal. Dat breekt het ijs. Je wil het beste uit de kandidaat halen."

Ben je het in de beoordeling altijd met elkaar eens?
Deborah: "Soms is het lastig als een kandidaat tussen een vijf en een zes balanceert. Als je iemands prestatie vervolgens per vakgebied invult wordt het meestal wel helder hoe het oordeel uitvalt. Een echte fout kun je niet door de vingers zien. Ook al gun je iemand een goede uitslag, het gaat wel om een toets of iemand voldoet aan het niveau van een beginnend accountant. Het slechte nieuws brengen is heel vervelend. Ik vind het belangrijk om te benadrukken wat er wèl goed ging. Geef tips waar mensen zich in kunnen verbeteren."

Robin: "Ik begin het gesprek na afloop van het examen meestal met het noemen van de eindscore. Als je vraagt hoe ze het hebben ervaren geven kandidaten vaak zelf aan op welke momenten het stroef verliep. Dat gebeurt als de bagage ontbreekt. Dan blijf je boven de materie zweven. Soms hebben ze de vaktechniek wel bestudeerd maar het onvoldoende geoefend met collega´s of vakgenoten."

Zijn er kandidaten die je bijblijven?
Deborah: ‘Ik heb eens een heel introverte kandidaat gehad. Die accountant functioneerde prima in de backoffice maar was door die karaktereigenschap al meerdere malen gezakt. Op zo’n moment is het belangrijk dat je de tijd neemt. Dus eerst vragen stellen over die gebieden waar iemand in thuis in en pas daarna de diepte in. Daar kwam een heel gaaf gesprek uit met een goed resultaat.’ 

Robin: ‘Ik vind de ondernemende kandidaat interessant. Iemand die naast zijn werk als accountant en studieverplichtingen iets extra’s doet. Soms zijn ze bezig met een startup of vinden ze de tijd om voor hun kantoor een ERP-programma te ontwikkelen. Daar heb ik wel bewondering voor.’

Wat doe je nu anders?
Deborah: "Ik ben nu meer ontspannen dan in het begin. Vragen schrijf ik niet meer vooraf op. Je groeit in die rol. Het belangrijkste is nieuwsgierig te zijn en oprechte interesse te tonen."

Robin: "In de voorbereiding is mijn aanpak niet veranderd. Wel in de samenwerking met de mede-examinator. In het begin vond ik het lastig als mijn mede-examinator een onderwerp aansneed waarin hij beter is ingevoerd dan ik. Als je dan stilvalt wordt het gesprek eentonig. Dat kan ik nu wel."

Wat haal je er voor jezelf uit?
Robin: "Het geeft nieuwe inzichten. In mijn werk heb ik bijvoorbeeld te maken met zzp’ers in de zorg. Nu krijg je de kans om te horen hoe een accountant met klanten in de bouwsector daarmee omgaat. Voor mij past dit heel mooi in mijn andere activiteiten als accountant en docent. Het voelt niet als werken."

Deborah: "Het is superleuk om te doen. Een keer in de maand ontmoet je accountants in alle soorten en maten. Sommige kandidaten hebben een lange route afgelegd - dat zijn echte doorzetters, maar ik kan ook genieten van high potentials. Dan kom ik blij thuis. Eigenlijk baal ik als ik overgeslagen word."