Ondernemingen en accountants(organisaties) die vóór inwerkingtreding van de Nederlandse implementatieregels zoveel mogelijk conform de CSRD hebben gehandeld, worden achteraf geacht te hebben voldaan aan de verplichtingen die door implementatie met terugwerkende kracht gaan gelden.

Het gaat daarbij om:

  • duurzaamheidsrapportering over boekjaar 2024 en 2025 opgesteld en openbaar gemaakt volgens de ESRS; en
  • een extern accountant die hierover een assurance-onderzoek heeft verricht volgens de NBA-standaarden.

De minister schetst daarnaast dat - als de implementatieregelgeving niet uiterlijk 1 oktober 2026 in werking zou zijn getreden - het kabinet voornemens is de reparatieclausule ook op boekjaar 2026 toe te passen.

Resultaat van gezamenlijke inzet

De NBA heeft samen met de VEUO, VNO-NCW en Eumedion herhaaldelijk aandacht gevraagd voor de risico’s die ontstaan wanneer duurzaamheidsrapportering en assurance met terugwerkende kracht verplicht worden. 

NBA-voorzitter Bianca de Jong-Muhren: “Wij zijn verheugd met deze aankondiging door de minister en ik ben blij dat het kabinet ontvankelijk is gebleken voor de zorgen die wij samen met de VEUO, VNO-NCW en Eumedion, voor het voetlicht hebben gebracht. De aangekondigde reparatieclausule gaat meer zekerheid bieden aan ondernemingen en accountants.”

Proces: Kamerbehandeling en samenloop met Omnibus

De minister adviseert de Tweede Kamer ook om het op 2 maart geplande wetgevingsoverleg uit te stellen, zodat de Kamer de behandeling kan laten aansluiten op de (verwachte) Europese aanpassingen in het kader van Omnibus I. Het kabinet wil de reparatieclausule en eventuele andere aanpassingen via een nota van wijziging verwerken. De NBA steunt dat voorstel.

Vervolg

De NBA volgt de verdere behandeling in de Tweede Kamer en de concrete juridische uitwerking van de reparatieclausule nauwgezet. We blijven hierover met leden en stakeholders in gesprek, met het oog op uitvoerbaarheid, rechtszekerheid en een werkbare assurancepraktijk.