Lerend vermogen: NBA maakt keuzes voor 2017

Een beroepsgroep die kennis ontwikkelt door te leren van fouten, tekortkomingen en incidenten levert een hogere kwaliteit. Dat staat centraal in het NBA Lerend vermogen-initiatief.

Voor 2017 maakt de NBA vier keuzes om het lerend vermogen van accountants en hun organisaties te verbeteren:

  • instellen platform ‘Leren van toezicht', samen met accountantsorganisaties en toezichthouders;
  • lessen uit toezicht aanbieden aan accountants, naast verplichte PE;
  • pilot: ontwikkelen casusmateriaal over incident(en), gericht op onderwijs & educatie;
  • organiseren debat over het belang van een constructieve foutencultuur.

Platform ‘Leren van toezicht’, samen met accountantsorganisaties en toezichthouders

Op basis van een pilot in 2016 is besloten om een structureel overleg in te stellen voor toezichthouders en accountantsorganisaties. In dit nieuwe platform ‘Leren van toezicht’ wordt collectief en casusoverstijgend gesproken over de bevindingen uit het toezicht. Welke lessen bevatten de bevindingen en hoe kunnen deze worden omgewerkt naar praktische aanwijzingen voor verbetering?

Lessen uit toezicht voor accountants, naast verplichte PE

Er zijn meer -en soms betere- manieren dan verplichte PE om te leren van die bevindingen van toezichthouders. De NBA zorgt in 2017 voor minimaal drie activiteiten waarin per thema wordt ingegaan op wat de beroepspraktijk kan en moet leren van bevindingen van Accountantskamer, AFM, Raad van Toezicht, Foundation for Auditing Research (FAR) en andere partijen.

De activiteit kan bijvoorbeeld zijn een aanpassing van beroepsstandaarden, een uitbreiding van de kennistoets, een publicatie óf een (verplicht) onderwerp voor permanente educatie.

Casusmateriaal over incident(en), gericht op onderwijs en educatie

Afgelopen jaar is onderzocht of bij zware incidenten oorzaakonderzoek zou kunnen worden verricht, zoals dat bij ongevallen wordt uitgevoerd door de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OvV). Het bleek niet haalbaar een NBA-verordening op te stellen met een overeenkomstige werkwijze. Redenen hiervoor waren:

  • De gangbare vrijwaring zou alleen geboden kunnen worden voor door de NBA aangespannen tuchtrechtelijke procedures.
  • Het anonimiseren van in het geding zijnde (rechts)personen zou ontoereikend zijn.
  • Het type incidenten (financiële schade in plaats van persoonlijk letsel) rechtvaardigt niet het gebruik van de zware onderzoeksbevoegdheden die de Onderzoeksraad kent, zoals verplichte medewerking.
  • Ook het onderzoek door de FAR is eerder gericht op kwantitatief onderzoek naar wetmatigheden in grote hoeveelheden data, dan op casuïstiek.

De NBA kiest nu voor een pilot met het ontwikkelen van casusmateriaal over incident(en) op basis van openbare bronnen. Deze pilot is gericht op casusleren in onderwijs & educatie voor accountants.

Een mooi voorbeeld daarvan is de ICAEW-trainingsfilm False assurance met als doel “to facilitate thought-provoking discussions about how accountants, auditors and company directors should act when faced with difficult situations”.

Debat over belang constructieve foutencultuur

In een organisatie met een constructieve foutencultuur wordt het maken van een fout getolereerd en het delen van die ervaring gestimuleerd en beloond. Als echter elke fout als overtreding van de regels wordt gezien, verhindert dat het individueel en collectief leren. De angst om bestraft te worden leidt immers tot het verzwijgen van handelingen die mogelijk als overtreding worden gezien.

Hoogleraar Sydney Dekker sprak hierover in juni 2016 op de NBA-bijeenkomst Cultuur meten en dan?. Vertegenwoordigers van oob-kantoren bogen zich onder meer over de vraag hoe binnen de cultuur van accountancyfirma's een balans kan worden gevonden tussen leren en handhaven. In 2017 organiseert de NBA een zelfde debat voor niet-oob accountantsorganisaties.

Met deze vier stappen stimuleert de NBA de implementatie van maatregelen 6.1, 6.2 en 6.3 uit ‘In het publiek belang’, waarin een lerende beroepsgroep centraal staat. Daarmee geeft de NBA invulling aan haar wettelijke taak: kwaliteitsbevordering en behartiging van het collectieve beroepsbelang.