Mohamed Massaoudi RA: 'Ik wil dat mijn culturele achtergrond geen rol speelt'

Diversiteit draait niet alleen om etnische verschillen, vindt Mohamed Massaoudi, senior auditor bij de Gemeente Rotterdam. 'In eerste instantie ben je mens.'

Wat is het belang van diversiteit in afkomst binnen een organisatie?

'De meerwaarde van diversiteit zit voor mij niet alleen in etnische verschillen. Je hebt er niets aan als je alleen wordt binnengehaald omdat je een andere afkomst hebt. In eerste instantie ben je mens. Het belangrijkste is dat je niet allemaal dezelfde achtergrond hebt. Je hebt verschillende types en achtergronden nodig. Die mix helpt je om vraagstukken te beoordelen. Ieder kijkt vanuit zijn eigen perspectief. Ik hou mij bezig met onderzoek op het gebied van bedrijfsvoering. Dat kan bijvoorbeeld een procesaudit zijn. Veel informatie haal je uit gesprekken met mensen. Dan helpt het als je je kunt verplaatsen in iemand. Met veel dezelfde mensen in een team worden steeds dezelfde vragen gesteld en vanuit een beperkter perspectief naar zaken gekeken. Dan kom je niet tot de kern. Nu is je denkrichting veel diverser.'

Hoe divers is de Gemeente Rotterdam?

'In de stad Rotterdam heb je ruim tweehonderd nationaliteiten. Dat zie je terug in de organisatie. Binnen de afdeling concern auditing heeft een derde van de collega's een andere culturele achtergrond en meer dan de helft bestaat uit vrouwen. Naarmate je hoger in de organisatie komt, neemt de diversiteit wel af. Maar er zitten wel twee wethouders met een andere etnische achtergrond in het huidige college. En we hebben een burgemeester van Marokkaanse afkomst. Toen Aboutaleb tien jaar geleden tot burgemeester werd benoemd, werkte ik al bij de gemeente. Voor mij was dat een bijzonder moment. Hij is iemand waar ik mij mee kan identificeren. Hij komt uit dezelfde streek als ik, het Rifgebergte.'

Hoe ben je vanaf daar op de plek gekomen waar je nu zit?

'Ik ben tweeëndertig jaar geleden naar Nederland verhuisd toen ik dertien was. Het was een gezinshereniging. Mijn vader werkte al in Nederland als gastarbeider in een tapijtfabriek. Ik ben in Marokko naar de lagere school gegaan. Van het Nederlandse onderwijssysteem wisten mijn ouders niets. Het werd leao. Ik vond leren leuk en wilde graag verder komen. Zo stroomde ik door naar de meao en daarna ging ik bedrijfseconomie studeren aan de heao. Dat was in een arbeidersgezin als het onze geen vanzelfsprekendheid. Toch werd er door mijn ouders geen druk op mij uitgeoefend om te gaan werken. Ze vonden het mooi dat ik het zo goed deed. Ik moest er wel een baantje bij nemen om de studie te financieren. Toen ik klaar was met mijn hbo-studie ging ik op zoek naar een baan. Dat solliciteren verliep heel vlot. Ik had keuze zat. De arbeidsmarkt voor afgestudeerde bedrijfseconomen was in 1998 heel goed. Als ik wilde, kon ik bij een van de Big Four aan de slag. Ik zag de vacature van assistent-accountant bij de gemeente Rotterdam en wist direct dat ik daar wilde werken. Het past bij mij. Ik wilde iets terugdoen voor de maatschappij toen ik klaar was met mijn studie. Misschien hoefde ik dat niet te doen – mijn carrière moest nog beginnen – maar dat zit in mijn karakter. Het stelde mij ook in de gelegenheid om accountancy te gaan studeren op Nyenrode.'

Heb je weleens voordeel van je culturele achtergrond?

'Nee, in mijn werk speelt het geen rol. Ik ben vaak de enige Marokkaan in een groep, maar ik heb dat nooit vervelend gevonden. Er is wel een patroon dat zich steeds herhaalt als je ergens nieuw binnenkomt. In eerste instantie word je gezien als een vertegenwoordiger van een hele bevolkingsgroep. Er worden allerlei stereotypen op je losgelaten. Soms hebben mensen vooroordelen. Het is een fase waar je doorheen moet. Diversiteit en inclusie geven niet altijd automatisch een warm gevoel. Ook al hebben onderzoeken aangetoond dat diverse organisaties beter presteren, dan wil dat nog niet zeggen dat iedereen het omarmt. Als je laat zien wie je bent en het gesprek aangaat, is het al snel geen issue meer. Ik wil dat mijn culturele achtergrond geen rol speelt. Dat ik gewoon gezien word als Mohamed en word beoordeeld op mijn kwaliteiten. Dat is op de afdeling zeker zo, maar buiten mijn werk is dat niet zo vanzelfsprekend. Bij het benaderen van instanties word je op een bepaald niveau ingeschat. Als ik uitleg dat ik registeraccountant ben, zie je de monden soms open vallen.'

Download het magazine